debunken

werkw.
Afbreekpatroon:  de - 'bun - ken
Herkomst:  Ā«Engels
Vervoegingen:  debunkte (verl.tijd )
Vervoegingen:  gedebunkt (volt.deelw.)

zich afzetten tegen onzin
Voorbeeld:  `op twitter worden grote leugenaars al snel gedebunkt`
Synoniem:  ontmaskeren


Spelling
debunken' komt niet voor in de Woordenlijst Nederlandse Taal van de Taalunie en de spellingwoordenlijst van OpenTaal.