de contiguïteit

zelfst.naamw. (v.)

1) het verschijnsel dat als een bepaalde "
mentale inhoud"
in het verleden vrijwel meteen werd gevolgd door een andere, op een later tijdstip de tweede inhoud meteen ook zal volgen als de eerste inhoud weer verschijnt
Voorbeeld:  `De contiguïteit van de geconditioneerde en ongeconditioneerde stimulus is de bepalende factor voor het leggen van een associatie.`

2) aaneengrenzing, belending, tijdruimtelijke nabuurschap, in de beeldspraak de basis vormend voor metonymie
Voorbeeld:  `De metonymie daarentegen berust niet op overeenkomst, maar op een of andere vorm van contiguïteit (temporeel, lokaal, causaal of anderszins).`

3) aanraking, aanpaling van grensscheidingen;
de gemeenschappelijke grenzen van twee verschillende ruimten


Bron: WikiWoordenboek.

4 definities op Encyclo
  1. Let op: Spelling van 1858 de aanpaling van grensscheidingen, aanraking; de gemeenschappelijke grenzen van twee ruimten
  2. 1) Aangrenzing
  3. 1) Belending
  4. Contiguïteit betekent een onafgebroken verbinding tussen twee of meer zaken, bijvoorbeeld in de vorm van fysiek contact. Het verschil tussen contiguïteit en samenhang ...
Toon uitgebreidere definities