de clinch

zelfst.naamw. (m.)
Uitspraak:  [klɪnʃ]

in de clinch liggen met iemand  (ruzie hebben met iemand) `steeds weer met elkaar in de clinch liggen`

© Kernerman Dictionaries.

2 definities op Encyclo
  1. 1) Boksterm 2) Conflict 3) Handgemeen 4) Het elkaar omvat houden 5) Ligplaats bij ruzie 6) Met elkaar overhoop liggen 7) Omklemming bij boksen en worstelen 8) Sportterm 9...
  2. het elkaar vasthouden van boksers Jaar van herkomst: 1946 (De Vooys )
Toon uitgebreidere definities

Herkomst volgens etymologiebank.nl
clinch (het elkaar vasthouden van boksers)

Hoe bekend is het woord?
Volgens het Centrum voor Leesonderzoek kent 94% van de Nederlanders en 95% van de Vlamingen het woord `clinch`.