I het bos

zelfst.naamw.
Uitspraak:  [bɔs]
Verbuigingen:  bos|sen (meerv.)

gebied met bomen
Voorbeeld:  `in het bos wandelen`
door de bomen het bos niet zien  (je bezighouden met details en daardoor het grote geheel niet zien) `Er moet nog zoveel gebeuren, ik zie even door de bomen het bos niet.`
iemand het bos insturen  (iemand niet helpen, aan zijn lot overlaten)


II de bos

zelfst.naamw. (m.)
Uitspraak:  [bɔs]
Verbuigingen:  bos|sen (meerv.)

voorwerpen die aan elkaar gebonden zijn
Voorbeelden:  `een bos bloemen`,
`asperges per bos verkopen`,
`sleutelbos`,
`een dikke bos haren`

© Kernerman Dictionaries.

Spelling
Correct gespeld: 'bos' komt voor in de Woordenlijst Nederlandse Taal van de Taalunie en in de spellingwoordenlijst van OpenTaal.

Spreekwoorden en zegswijzen
 huilen met de wolven in het bos (=het er niet mee eens zijn maar wel de baas gelijk geven en bevestigen)
 elke bos stro waait voor de wind. (=onder makkelijke omstandigheden kan iedereen welvaren of iets uitvoeren.)
 door de bomen het bos niet meer zien (=door alle details het overzicht verliezen.)
 aan een balk, die uit het bos gehaald wordt, moet veel gehakt worden, voor hij in het huis past. (=in een religieuze groep, vereniging, etc,: je kunt leden uit een gemeenschap winnen, maar hun moet wel geleerd worden zich aan te passen.)
Naar de spreekwoorden

Intensiveringen
Hoe kun je met bos een ander begrip versterken?
sterven bij bosjes; geil als een bos uien; gek als een bos uien;

Deze woorden beginnen met bos:
 bosaardbei bosaardbeien bosanemonen bosanemoon bosbedrijf bosbeekjuffer bosbes bosbessen bosbouw bosbouwbedrijf bosbouwschool bosbrand bosbranden Bosch bosduivel bosduivels bosgeus bosgeuzen bosgod bosgoden
 Toon alle woorden die beginnen met bos

Deze woorden eindigen op bos:
 bebos herbebos loofbos oerbos ontbos rooibos sleutelbos
 Toon alle woorden die eindigen op bos

25 definities op Encyclo
I.) Afkorting van borstvoeding-ondersteuningsset, een hulpmiddel om de borstvoeding (opnieuw) op gang te brengen, of om borstvoeding te kunnen geven aan een adoptiekind.
II.) 1a> bus: oude term voor het gat in de wangen van een blok waarin de nagel/bout steekt. b> bij zeer oude blokken: vierkante metalen plaat of bus met rond gat in de wangen ...
III.) • [n] : groep bomen. • [m] : bundel stelen of vezels.
IV.) besturingssysteem voor kleinere computerconfiguraties
V.) 1 groep bomen 2 groot aantal (bv. bos bloemen)
Toon uitgebreidere definities

Hoe bekend is het woord?
Uit onderzoek van het Centrum voor Leesonderzoek blijkt dat alle Nederlanders en Vlamingen het woord `bos` kennen.

Herkomst volgens etymologiebank.nl
  1. bos (bundel, woud)
  2. bos (gezwel)
  3. bos = bost
  4. bos = bus (doos, blik)