blussen

werkw.
Uitspraak:  [ˈblʏsə(n)]
Vervoegingen:  bluste (verl.tijd enkelv.)
Vervoegingen:  heeft geblust (volt.deelw.) Toon alle vervoegingen

1) (vuur, brand) stoppen met water
Voorbeeld:  `een bosbrand blussen`

2) vloeistof toevoegen aan iets wat bakt of braadt culinair
Voorbeeld:  `braadvocht blussen met wijn`

© Kernerman Dictionaries.

Synoniemen
dempen doven uitblussen uitdoen uitdoven uitmaken

13 definities op Encyclo
  1. doven. zorgen dat het uitgaat vb: de brandweer heeft het vuur gedoofd Tegenstellingen: aansteken ontsteken aanmaken
  2. 1) Dempen 2) Doven 3) Lessen 4) Smoren 5) Uitblussen 6) Uitdoen 7) Uitdoven 8) Uitlessen 9) Uitmaken
  3. bevredigen
  4. Toevoegen van vocht (bouillon, visfumet, wijn) aan de hete bakresten of bakvocht, waardoor deze loskomen en als basis dienen voor de saus. Zie ook deglaceren
  5. Het toevoegen van vocht (wijn, bouillon) aan bakresten zodat er een basis ontstaat voor een saus.
Toon uitgebreidere definities

Deze woorden eindigen op blussen:
uitblussen

Herkomst volgens etymologiebank.nl
blussen (vuur doven)

Hoe bekend is het woord?
Volgens het Centrum voor Leesonderzoek kent 100% van de Nederlanders en 99% van de Vlamingen het woord `blussen`.