bezorgen

werkw.
Uitspraak:  [bəˈzɔrxə(n)]
Vervoegingen:  bezorgde (verl.tijd enkelv.)
Vervoegingen:  heeft bezorgd (volt.deelw.)

1) naar een plek brengen
Voorbeelden:  `post bezorgen`,
`pizza's bezorgen`,
`maaltijden aan huis bezorgen`
Synoniem:  afleveren

2) geven
Voorbeeld:  `iemand veel ellende bezorgen`

© Kernerman Dictionaries.

Synoniemen
aandoen aanleveren afgeven afleveren bestellen brengen leveren overhandigen rondbrengen thuisbezorgen toeleveren

Taaladvies
Verdelen / distribueren; bezorgen: Is tijdschriften verdelen correct?

5 definities op Encyclo
I.) Uitdrukking uit de scheepvaart: Iets zeevast sjorren of binnenboord halen. Het bezorgen, ook wel thuishalen, van het anker of het bezorgen van een sloep. Verwant: pentere...
II.) • [ditr] "iemand iets": bij iemand aan huis afleveren.
III.) Eng: to hand over / to deliver [handelsrecht] de feitelijke, fysieke aflevering van iets. Bijv. ~ van een gekocht wandmeubel Art 13 Boek 7 BW…
IV.) het op een bepaalde plek brengen vb: de postbode bezorgde het pakje Synoniemen: afleveren leveren afgeven Tegenstellingen: krijgen ontvangen verkrijgen incasseren ervoor ...
V.) 1) Aandoen 2) Aanleveren 3) Aanreiken 4) Afgeven 5) Afleveren 6) Beschikken 7) Bestellen 8) Bijbrengen 9) Brengen 10) Inleveren 11) Leveren 12) Overhandigen 13) Procurere...
Toon uitgebreidere definities

Hoe bekend is het woord?
Uit onderzoek van het Centrum voor Leesonderzoek blijkt dat alle Nederlanders en Vlamingen het woord `bezorgen` kennen.