accelereren

werkw.
Uitspraak:  [ɑksələ'rerə(n)]
Vervoegingen:  accelereerde (verl.tijd enkelv.)
Vervoegingen:  heeft geaccelereerd (volt.deelw.) Toon alle vervoegingen

steeds sneller gaan
Voorbeelden:  `Mijn auto accelereert slecht.`,
`Na een slap kwartaal accelereert de export.`
Synoniem:  versnellen

© Kernerman Dictionaries.

Synoniemen
bespoedigen optrekken optrekken van auto verhaasten versnellen

3 definities op Encyclo
  1. versnellen Jaar van herkomst: 1553 (Vd Werve )
  2. •optrekken •versnellen
  3. 1) Bespoedigen 2) Optrekken 3) Verhaasten 4) Versnellen
Toon uitgebreidere definities

Herkomst volgens etymologiebank.nl
accelereren (versnellen)

Hoe bekend is het woord?
Volgens het Centrum voor Leesonderzoek kent 98% van de Nederlanders en 98% van de Vlamingen het woord `accelereren`.