Zoek spreekwoorden met het woord:


Vorige 0 1 2 3 4 5 6 7 8 9 10 Volgende



47 spreekwoorden en uitdrukkingen bevatten `word`



276 betekenissen bevatten `word`


101) er zouden geen achterklappers zijn waren er geen aanhoorders (=er wordt alleen geroddeld als er ook naar geluisterd wordt)
102) de stok staat achter de deur (=er wordt een bedreiging achter de hand gehouden)
103) geen rook zonder vuur (=er wordt niet over gepraat of er is wel iets van waar)
104) uit zijn slof schieten (=erg boos worden, erg actief worden)
105) iemand met open armen ontvangen (=erg hartelijk ontvangen worden)
106) op de achterste benen staan (=erg kwaad worden)
107) een gezicht als een oorwurm trekken (=erg ontevreden kijken (omdat bv iets gedaan moet worden))
108) ergens als kind in huis zijn (=ergens bekend of goed behandeld worden)
109) een punthoofd krijgen van (=ergens compleet gek van worden)
110) genade vinden (=ergens geen straf voor krijgen of iets niet toegerekend worden)
111) iemand op zijn zeer trappen (=ergens over praten wat door iemand als erg onplezierig ervaren wordt)
112) de stem eens roependen in de woestijn (=ergens voor waarschuwen maar niet gehoord worden)
113) aan zijn broek krijgen (=ermee opgescheept worden)
114) ergens de angel uit trekken. (=ervoor zorgen dat iets minder gevaarlijk wordt door het meest gevaarlijke deel onschadelijk te maken; iets minder pijnlijk maken.)
115) aan lager wal geraken (=fortuin verliezen; arm en berooid worden.)
116) het licht zien (=geboren worden, ontstaan)
117) het levenslicht aanschouwen/zien. (=geboren worden.)
118) een kruiwagen hebben (=geholpen worden)
119) gewogen maar te licht bevonden. (=gekeurd en afgekeurd worden)
120) aan de strijkstok blijven hangen (=geld dat aan een goed doel wordt besteed verdwijnt voor een groot deel bij mensen die oneerlijke onkosten maken)
121) het geld groeit niet op de rug (=geld komt niet zomaar binnen, er moet hard voor gewerkt worden)
122) op de kaart zetten (=gemaakt tot iets waar rekening mee gehouden wordt. )
123) een lintje krijgen (=geridderd worden - een compliment krijgen)
124) de bak indraaien (=gevangen genomen worden)
125) de maan komt al door de bomen/wolken (=gezegd van iemand die kaal begint te worden)
126) de stoppen slaan door (=gezegd van iemand die totaal uit de bol gaat, gek wordt)
127) goede waar prijst zichzelf (=goed materiaal moet niet aangeprezen worden)
128) men moet de boom buigen als die jong is. (=goede gewoonten kunnen het beste al jong worden aangeleerd)
129) het beste paard van stal wordt overgeslagen. (=grappige uitspraak wanneer iemand overgeslagen wordt)
130) de rode draad (in een verhaal of betoog) (=het centrale thema, hetgeen waar steeds weer op wordt teruggegrepen)
131) het is de toon die de muziek maakt. (=het gaat om de manier waarop iets gezegd wordt.)
132) de vruchten zullen de beloften der bloemen overtreffen. (=het is nu al goed, maar het eindresultaat wordt nog veel beter)
133) het komt voor de bakker. (=het komt in orde; het wordt geregeld.)
134) het moet uit de lengte of uit de breedte komen (=het moet hoe dan ook uitgespaard worden)
135) het harde woord moet eruit (=het onaangename moet gezegd worden)
136) de maat is vol. (=het wordt niet langer getolereerd)
137) wie het eerst komt, het eerst maalt. (=het wordt toegekend aan degene(n) die het eerst komt)
138) zijn eigen luizen bijten hem (=hij wordt gekweld door zijn eigen kinderen)
139) hij kan goed zijn mondje roeren. (=hij zorgt er goed voor dat zijn mening wordt gehoord.)
140) grote vissen scheuren het net (=hooggeplaatste personen worden niet zo gemakkelijk gestraft)
141) elke ketter heeft zijn letter. (=ieder denkt dat de eigen mening bewezen kan worden)
142) elk vogeltje zingt zoals het gebekt is. (=ieder laat zich uit op een wijze die door zijn eigen aard en opvattingen bepaald worden.)
143) een schurftig paard vreest de roskam. (=iemand die aan iets schuldig is, heeft liever niet dat datgeen onderzocht wordt)
144) een potje kunnen breken (bij iemand) (=iemand wordt niet gauw boos)
145) een voetveeg zijn. (=iemand zijn die voor minderwaardige klusjes gebruikt wordt.)
146) een knoop in zijn zakdoek leggen (=iets doen om ergens zeker aan herinnerd te worden)
147) vaste voet aan de grond krijgen (=iets gedaan krijgen en/of als gebruikelijk beschouwd gaan worden)
148) naar de mutsaard rieken (=iets klopt zeer niet (mutsaard = brandstapel) / verdacht worden van ketterij)
149) een kat in de zak kopen (=iets kopen zonder het gezien te hebben - bedrogen worden)
150) menen ligt dicht bij Kortrijk (maar verre van Waregem). (=iets menen is niet genoeg; je moet er zeker van zijn. (Dit zeldzame spreekwoord wordt in Oost- en West-Vlaanderen soms gebruikt als ironische reactie wanneer iemand iets meent te weten, door te verwijzen naar de stad Menen, die ver van Waregem, dus de waa)

Het dialectenwoordenboek kent 502 spreekwoorden met `word`


101) Maas en waals: bende nou himmol betoetert (=ben je nu gek geworden)
102) Steins: Bès doe in de kirk gebaore !! (=wordt gezegd tegen iemand die altijd de deur achter zich open laat)
103) Veurns: beschamde kaken lieën (=schaamrood worden)
104) Veurns: Bezorgd zien lik e kieksje op e barriege/stoksje (=Vertroeteld worden)
105) westvlaams: Bie de buk gezet worden (=Belazerd worden)
106) Iepers: Bie Scherre goan liggen (=op Iepers kerkhof begraven worden)
107) Flakkees: Bin joe noe glad beleadteafelt! (=Ben je nou helemaal(gek geworden)!)
108) Westerkwartiers: boer'n en swien'n word'n knorr'ndeweg vet (=boeren en varkens knorren altijd)
109) Weerts: bove d'aerd staon (=moet nog begraven worden)
110) Geffes: d'n békker krége (=plotseling moe worden)
111) Weerts: d'n duûvel schitj altieëd op de groeëtste houp (=iemand die het al goed gaat, wordt er meestal nog beter van)
112) Westerkwartiers: d'r blift veul ann'e striekstok hang'n (=er worden veel onkosten gemaakt)
113) Twents: d'r is volk an de deure (=er wordt aangebeld)
114) Oudenbosch: d'r van laangs krijge (=thuis uitgescholden worden)
115) Westerkwartiers: d'r word'n gien vreders geboor'n, die word'n moakt (=(te) veel eten wordt een gewoonte)
116) Westerkwartiers: d'r wordt 'n baarg ongegund brood eet'n (=de één gunt de ander het licht niet)
117) Oudenbosch: da blef taor mar staon te blijve rije (=dat moet nog steeds opgeruimd worden)
118) Sint-Niklaas: da brood is verduft (=dat brood is muf geworden)
119) Tilburgs: da is mun toch unne kudeejer geworden (=Die is toch dik geworden.)
120) Oudenbosch: da kan wel un kwasje gebruike (=dat moet nodig geverfd worden)
121) Bilzers: da kannet daoglich nie verdraoge (=dat kan beter niet ontdekt worden)
122) Valkenswaards: Da mag best us gezeed worre (=Het mag eens gezegd worden)
123) Oudenbosch: da motte uittut ligt ouwe (=dat moet in het donker bewaard worden)
124) Oudenbosch: da wor un pan mee spreeuwe (=dat wordt niets)
125) Ostêns: da wordt ier broodje vuste met mullepaté (=er zal hier gevochten worden)
126) Gents: Da zulde dan wel gewaor worde (=Dat zal je dan wel merken)
127) Giethoorns: Da-w ze nog langen maggn lusten, kriegn zal wel gaon (=wordt wel eens gezegd bij het aanbieden van een borreltje)
128) Epers: Da's een zaekien veur Zutphen. (=Dat wordt een rechtszaak.)
129) Oudenbosch: daddis alwir un eul manneke geworre (=ook de jongste zoon is al weer groot aan het worden)
130) Oudenbosch: daddis om tureluurs van te worre (=dat is om gek van te worden)
131) Oudenbosch: Daddis wir opgesloge (=Dat is weer duurder geworden)
132) Venloos: Dae bringe ze nao Bierstekers (=Hij wordt begraven)
133) Munsterbilzen - Minsters: dae et langste laef hètten heile werd on zen kloete (=je wordt schatrijk als je maar gek bent om lang te werken)
134) Weerts: dae gein puine hieët, hieët ouch gein land (=wordt gezegd als iemand klaagt over te veel onkruid)
135) Steins: dae haet ein stöm ôm koks (= cokes) te kloppe. (=wordt gezegd van een man met een harde zware stem)
136) Munsterbilzen - Minsters: dae hèt nogal ne sjoeët gekrieëge (=hij is ferm groot geworden !)
137) Munsterbilzen - Minsters: dae moet zen wil hoeëre nog verlieze (=hij moet nog volwassen worden)
138) Steins: dao krieste erm zin van. (=daar wordt je mistroostig van)
139) Steins: dao vrit geinen hòntj broead van (=wordt gezegd over de scheldwoorden die iemand te horen krijgt.)
140) Mestreechs: dao weurd miech get aon gebraggeld (=daar wordt wat aan geklungeld)
141) Mestreechs: dao weurd miech gèt aon gekleungeld (=daar wordt me wat aan geklungeld)
142) Oudenbosch: Daor gaode van kwiele (=Om jaloers op te worden)
143) Oudenbosch: daor kunde rustig mee naor smid Dekkers (1960) (=dit moet nodig gemaakt worden)
144) Oudenbosch: daor mot ne kleine komme (=daar wordt gezinsuitbreiding verwacht)
145) Twents: daor praot ze van (=daar wordt over gesproken)
146) Oudenbosch: daor wor wa afgezeverd (=voortdurend wordt daar gezeurd)
147) Oudenbosch: das ne vandege jonge geworre (=dat is een flinke jongen geworden)
148) Oudenbosch: das nun eule peejesteker geworre (=dat is een stevige grote vent geworden)
149) Sint-Niklaas: das om 't speen van te krijgen (=dat is om moe van te worden)
150) olens: Das zonde (=Dit wordt door mij als bijzonder spijtig ervaren.)

Vorige 0 1 2 3 4 5 6 7 8 9 10 Volgende



Bron
De spreekwoorden en gezegden zijn voor het grootste deel afgeleid van Wikiquote: Nederlandstalige spreekwoorden, Nederlandstalige gezegden en Wikipedia: Lijst van Nederlandse spreekwoorden. Op woorden.org is de uitleg ingekort en is herkomst van spreekwoorden en gezegden weggelaten.

Tips en mededelingen
Tip: Er wordt ook gezocht in de dialectenwoordenboeken van mijnwoordenboek. Hier staan inmiddels 12000 spreekwoorden en gezegden in.

Woordenboek

dag pragmatisch adequaat

Spreekwoorden

kat klok heilig boter

Vertalen



Encyclopedie


Recente zoekopdrachten

Tussen haakjes staat het aantal gevonden spreekwoorden, uitdrukkingen en gezegden
gebekt is (3)
vogel (24)
gasten (2)
een lang gezicht trekken (1)
ganzen (4)
te ore (3)
gaat (38)
pilaar (2)
in de zak kop (1)
nl (8)
Met de han (3)
in de zak (4)
fris (2)
Met de deur in huis (1)
filistijnen (1)
© Woorden.org MMXI | Over woorden.org | Gebruikersvoorwaarden | Woord begint met...