8 spreekwoorden en uitdrukkingen bevatten ` slapen`1) de slaap der rechtvaardigen slapen. (=een schoon geweten hebben.) 2) een gat in de dag slapen. (=lang doorslapen.) 3) ergens een nachtje over willen slapen (=er eerst over na willen denken) 4) hij stond te slapen. (=hij lette niet op.) 5) je moet geen slapende honden wakker maken. (=beter niet over een bepaald onderwerp beginnen / je moet aan mensen die ergens niets van weten en het er wellicht niet mee eens zijn, niets erover vertellen) 6) men moet geen slapende honden wakker maken. (=zwijgen over iets, om te voorkomen dat een autoriteit op het idee komt om er werk van te maken.) 7) men moet zijn bed maken zoals men slapen wil. (=iedereen is verantwoordelijk voor zijn eigen daden.) 8) op twee oren slapen. (=je mag gerust zijn) 5 betekenissen bevatten ` slapen`1) een slaapmutsje nemen (=een borreltje nemen voor het slapen gaan) 2) slapen als een marmot/otter/roos (=erg vast en heerlijk slapen) 3) onder zeil gaan (=gaan rusten of slapen, vertrekken of weggaan) 4) ik ga horizontaal. (=ik ga slapen.) 5) bij nacht en ontij (werken/zijn) (=wanneer anderen slapen) Het dialectenwoordenboek kent 49 spreekwoorden met ` slapen`1) Mechels (BE): 'k geun onderd meiter platligge (=ik ga slapen) 2) Sinnekloases en niekaarks: 'k Zijn den bos in, 'k Kruip in mijne nest (=Ik ga gaan slapen) 3) Waregems: 'n seenewoarietsje, 'n tseentewoareke (=kruisje op het voorhoofd voor het slapengaan) 4) Bilzers: Aste sloëpend rijk wils wiëne, moeste zen ooge goed oëpe haate (='t is niet gemakkelijk slapend rijk te worden) 5) Bilzers: aste slups béste daud (=leven doe je tussen het slapen en eten door) 6) Munsterbilzen - Minsters: de bès nie alleen opte werd (=wees wat stiller onder de lessen, anderen willen ook slapen) 7) Texels: De velle foor de óge hange (=Gaan slapen) 8) Bilzers: e koet énne daog sloëpe (=Lang slapen) 9) Volendams: erop gaon, duike (=gaan slapen) 10) Sint-Niklaas: geen oog kunnen dichtdoen (=niet kunnen slapen) 11) Munsterbilzen - Minsters: geeste met de hinne op stek, zitste wersjaanlëk èn t verkeirde kot (=ga je vroeg slapen, moet je heel goed opletten dat je de juiste kamer kiest) 12) Moes: goan dooken doen (=gaan slapen) 13) Zoutleeuws: Ich goan no Bets deize kant Bunge (=Ik ga slapen) 14) Munsterbilzen - Minsters: ich hüb al nen heile sloeëp aut (=kom je nu al slapen) 15) Bilzers: ich sloëp asnen os.... (=als ik ga slapen tel ik schaapjes, als ik slaap zie ik nachtmerries) 16) Zeeuws: ie is de wind kwiet (=hij ligt te slapen) 17) Amsterdams: Ik ga mijn sokken nummeren, film achter m'n oogleden bekijken (=Ik ga slapen) 18) Genneps: Ik gaoj op éé'n oor (=Ik ga slapen) 19) Westerkwartiers: ik goan horizontoal (=ik ga slapen) 20) Lommels: ik goan na la''e kerremis en sazzie mert (=Ik ga slapen) 21) Geels: ik goan sloape, ik kroawep in mijne nest (=ik ga slapen) 22) Londerzeels: ik kruip in main keef (=Ik ga slapen) 23) Moorsel: in aa'n nest kroëpen (=gaan slapen) 24) Veurns: in d' oede veure slaap'n (=in zijn onopgemaakt bed slapen) 25) Arendonks: in ewwe peulder krooipeh (=gaan slapen) 26) diesters: kgan mich effe afkappe (=ik ga even slapen) 27) Lichtervelds: kgoa noa betleejem (=ik ga slapen) 28) Ostêns: kgoan no me kip (=ik ga slapen) 29) West-Vlaams: kzin noa mn nest, kgoan noa mn kaf (=Ik ga slapen, ik ga naar bed toe) 30) Sint-Niklaas: mè de kiekus gô sloapen (=vroeg gaan slapen) 31) West-Vlaams: men ouders slapen beneden he (=zal het gaan?) 32) Bilzers: mét de hinne opstêk gon (=vroeg gaan slapen) 33) Zeeuws: moe jie noe ea sleape ? (=Ga je nu al slapen ?) 34) Rotterdams: Naar de witte Doelen gaan (=Gaan slapen) 35) Sint-Niklaas: nô gommun doddoo kindjes doen (=nu gaan wij slapen (= tegen kleine kinderen)) 36) Munsterbilzen - Minsters: onder de blaute hiemel sloëpe (=in open lucht slapen) 37) Sint-Niklaas: paljas sloapen (=op de grond slapen) 38) Munsterbilzen - Minsters: roenke (=ronkend slapen als een kat) 39) Lebbeeks: segenawaurda: Krij'k mij segenawaurdaken (=Een kruisje vragen vóór het slapengaan) 40) Budels: slaopen as unne res (=goed en diep slapen) 41) Westerkwartiers: sloap'n as 'n roos (=heerlijk slapen) 42) Evergems: Sloap’n totda de zonne in ou gat schijnt. (=Zeer lang slapen) 43) Sint-Niklaas: sloapen gullèk de muizen in 't meel (=waken, half en half slapen) 44) Munsterbilzen - Minsters: sloëpe waaj nen os (=diep slapen) 45) Snekers: Volgens mij lagen ze te kezen. (=Volgens mij lagen ze te slapen.) 46) Rijssens: welterusten,kop int kussen,gat int stro sloap ie zo. (=lekker slapen) 47) Booms: Wit zen de miere, grien de blaffetiere, zwet zen de poape die in 't kapelleke sloape. (=Wit zijn de muren, groen de luiken, zwart de paters die in het kapelleke slapen) 48) Lichtervelds: ze sloapn rik an rik (=ze slapen met de rug naar elkaar) 49) Heusdens: zieme`r dagin oere beddebak zit ! (=ga nu maar slapen.) Bron
De spreekwoorden en gezegden zijn voor het grootste deel afgeleid van Wikiquote:
Nederlandstalige spreekwoorden,
Nederlandstalige gezegden en Wikipedia:
Lijst van Nederlandse spreekwoorden.
Op woorden.org is de uitleg ingekort en is herkomst van spreekwoorden en gezegden weggelaten.
Tips en mededelingen Tip: Weet u spreekwoorden die typisch zijn voor uw dialect? Voeg ze toe in het dialectenwoordenboek en het verschijnt automatisch in deze lijst. | WoordenboekSpreekwoordenVertalenEncyclopedieRecente zoekopdrachtenTussen haakjes staat het aantal gevonden spreekwoorden, uitdrukkingen en gezegden• slapen (8) • open (21) • kleuren (7) • bezei (2) • de pot (7) • het achterste v (2) • iemand in de luren (1) • zoals het klokje (1) • iemand het vel over de oren halen (1) • nagel (7) • neus s (1) • wiele (1) • strobree (3) • een andere lees (1) • Kieze (10) | |||||||
| © Woorden.org MMXI | Over woorden.org | Gebruikersvoorwaarden | Woord begint met... | ||||||||